22 mei 2016 - 17:46:56 Publicatiedatum: 6 januari 2014

Autonome woordenschatverwerving

De beste manieren om cursisten zelf aan hun woordenschat te laten werken

Woordenschatverwerving is van groot belang voor de ontwikkeling van de taalvaardigheid. Idealiter gaan leerders ook zelf aan de slag gaan om de woorden te verwerven. Maar hoe motiveer je hen daartoe?

Een nieuwe werkgroep in de BVNT2 neemt sinds oktober 2013 deel aan een Europees onderzoek naar autonome woordenschatverwerving: Grundtvig Learning Partnership 'The European Flame'. Elwine Halewijn van het ITTA maakt deel uit van het projectteam. De werkgroep zoekt input van docenten.

Onderzoek in drie stappen

Het lijkt belangrijk ook te zoeken naar manieren om zelfstandige woordenschatverwerving makkelijker, effectiever en laagdrempeliger te maken. Het project bestaat uit drie fasen:

  1. Aan de hand van wetenschappelijke literatuur worden succesfactoren en randvoorwaarden voor woordenschat en autonoom leren in kaart gebracht.
  2. Met die inzichten worden zelfstandige woordleermethoden en tools (apps, plakkertjes op de scheerspiegel, woordenschrift, digitale spelletjes en oefeningen e.d.) gelabeld.
  3. In pilots met leerders en begeleiders wordt vervolgens onderzocht of bewuste keuze voor een bepaalde methode helpt bij een grotere zelfstandige woordenschatverwerving.

Oproep aan docenten

In de eerste fase (januari/februari) willen we ook graag informatie van docenten over hun ervaring met zelfstandig woordenschat leren en zijn we benieuwd naar de interesse in dit onderwerp. U kunt hier een ultrakorte vragenlijst invullen, die overigens verder tot niets verplicht.

Projectteam

Het project is een samenwerking tussen zes landen: België, Nederland, Zweden, IJsland, Oostenrijk en Polen. Het Nederlandse team bestaat uit de leden van de BVNT2-werkgroep: Jan Strijbol, Annet Berntsen, Simon Verhallen en Elwine Halewijn.